Olie:
olie en vet hebben veel overeenkomsten, ook in de manier waarop vlekken
van deze producten uit kledingstukken moeten worden verwijderd.
vet
Onbekende vlekken:
onbekende vlekken moeten altijd voorzichtig worden behandeld. Om te
beginnen is de textielsoort belangrijk. Op gekleurde, wasbare stoffen
kan eigeel intensieve vlekken veroorzaken. Gebruik eerst water om
de vlek te weken en spoel de vlek daarna met koud water af. Witte,
gesteven stoffen moeten eerst met eau de cologne of met spiritus worden
gedept. Vervolgens wrijft u een verdunde oplossing van ammonia en
ossengalzeep op de vlek. Laat dit eventueel een nacht inwerken. Voor
wol gebruikt u maïs- of aardappelmeel of azijn en aardappelmeel. Verwarm
dit in water en bevochtig de vlek daarmee. Zodra de oplossing is opgedroogd,
kan de vlek worden uitgeborsteld. Op fluweel gedepte vlekken neemt
u met een in azijn gedrenkte linnen doek af, daarna spoelt u de plek
met helder water uit.
|
 |
Oppersen van wol:
deze speciale behandeling ondergaat wollen goed dat moet worden
gladgestreken. Leg het wollen goed op een strijkplank of bijvoorbeeld
op een tafel, en strijk de stof glad. Leg er een droge doek op
en leg daar weer een vochtige doek overheen. De strijktemperatuur
mag niet hoger zijn dan 150° C. Strijk de bovenste doek bijna
droog en trek na het persen de beide doeken snel weg. Laat het
kledingstuk vervolgens aan een kleerhanger helemaal droog worden.
Zogenaamde "strijkglans" ontstaat wanneer een te hoge temperatuur
is gebruikt. De glans verdwijnt over het algemeen wanneer het
textiel nog een keer wordt opgeperst. Wanneer echter altijd te
heet of met te weinig vocht wordt geperst, kan de stof beschadigd
raken. Dit risico kunt u vermijden en al dit werk kunt u zich
besparen door gewoon het wolprogramma van uw Miele-droogautomaat
te gebruiken.
strijken
woldroogprogramma
|
|
| |
 |
| Mogelijkheid tot zoeken op alfabetische volgorde
|
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
 |
|
|
| |
|
|
|
|
| . |
 |
 |
|